Het bodemvoedselweb

Vorige artikel
Volgende artikel

Het bodemvoedselweb is een uiterst complex samenwerkingsverband tussen talloze organismen. De diversiteit is verbijsterend. Eigenlijk is er niet één bodemvoedselweb, maar heeft elke plant of boom zijn eigen verzameling micro-, meso- en macro-organismen die elkaar opeten, met elkaar samenwerken, op elkaar parasiteren of ziektes overdragen, ik noem zomaar wat. De mogelijkheden tot uitwisseling zijn enorm. Dit beperkt zich niet tot voedingsstoffen, want er worden ook genen, vitaminen, enzymen en eiwitten geproduceerd en andere stofwisselingsresten (metabolieten) en ook die worden uitgewisseld.

Het is belangrijk te beseffen dat jarenlang onderzoek naar de werking van het bodemvoedselweb een klein tipje van de sluier heeft kunnen oplichten, maar dat het onmogelijk is om alles te weten te komen. Wat we wel weten, geeft in ieder geval aan dat we heel erg voorzichtig moeten omspringen met alles wat daar beneden leeft. De consequenties van ons bodembeheer zijn overduidelijk, maar voor niet iedereen terug te voeren op de bodem. Vervuiling, eutrofiëring, welvaartsziekten, klimaatverandering, biodiversiteitsverlies – ze zijn allemaal deels terug te voeren op de bodem. Hoewel er altijd andere factoren meespelen, is het niet mogelijk ze op te lossen zonder de bodem en alles wat daar in leeft mee te nemen.

Planten, algen en cyanobacteriën zijn producenten: zij produceren de biomassa waar al het andere leven op Aarde van afhankelijk is. Slechts 1 tot maximaal 16% van de energie in de biomassa gaat over naar het volgende voedingsniveau. Gemiddeld gaat ongeveer 10% over. Dat wil zeggen dat er een ton plantaardige biomassa nodig is om 100 kilo organismen in het volgende voedingsniveau van energie te voorzien. Hoe hoger je voedingsniveau is, hoe minder biomassa er van jouw soort kan zijn. Dit verklaart waarom je nooit een kudde leeuwen ziet met maar een paar gazellen eromheen. De roofdieren zijn altijd in de minderheid. Illustratie: bron onbekend

Complexe systemen hebben emergente eigenschappen: aan de elementen in een systeem kun je niet zien wat de functie van het systeem in zijn geheel is. Een watermolecuul is niet vloeibaar, maar een heleboel watermoleculen bij elkaar wel. Een zwerm spreeuwen vertoont een zwermgedrag dat helemaal zelfsturend is; geen een spreeuw heeft de leiding. Een bacterie is op zichzelf niets, maar ze vormen complexe gemeenschappen die samen uitzonderlijke dingen kunnen. Deze complexiteit geeft een bodem een ongelofelijke veerkracht, maar er zijn grenzen aan wat een bodem kan verduren. De afgelopen honderd jaar hebben we de bodem zo toegetakeld, dat deze niet meer de functies kan verrichten die daarvoor geen probleem waren.

Hoe we de functies van de bodem weer kunnen laten terugkeren is het thema van deze cursus. Daar hoef ik hier geen woorden aan vuil te maken.

Meer details over de organismen die je in een bodem aan hoort te treffen vind je in Het Bodemvoedselweb, het door mij vertaalde boek dat in 2015 verscheen.

Vorige artikel
Volgende artikel
4+