Het ontstaan van bodemdeeltjes

Vorige artikel
Volgende artikel

Er zijn drie verweringsprocessen waarbij bodemdeeltjes ontstaan. Alle drie werken heel traag in op gesteenten: het duurt misschien wel duizend jaar voordat een laagje van een paar centimeter minerale bodem is ontstaan.

Fysische verwering

Foto: PxHere, CC Public Domain

Als de zon op een gesteente schijnt, zet deze door de warmte aan de oppervlakte uit, maar een millimeter lager niet meer. Dit zorgt voor een spanningsverschil, waardoor er haarscheurtjes in komen. Komt daar water in en bevriest dat, dan zet het water 9% uit waar het gesteente afbrokkelt. Zelfs het hardste gesteente is niet bestand tegen deze verwering, maar het gaat wel heel langzaam. Ook het botsen en schrapen van gesteenten in beken en rivieren hoort bij fysische verwering.

Chemische verwering

Als het regent, vangen de regendruppels onderweg koolstofdioxide op. Opgelost in water gedraagt dat zich als koolzuur, wat heel licht inbijt op de gesteenten in en op de bodem. Ook de wortels van planten scheiden koolstofdioxide uit, met hetzelfde effect.

Biologische verwering

Korstmos op rotsen. Foto: fir0002, CC BY-SA 3.0

Schimmels werken samen met algen en cyanobacteriën en vormen zo samen een nieuw organisme: de korstmos. De schimmels produceren zuren en enzymen om de gesteenten waar de korstmos op groeit op te lossen. Door samen te werken kunnen de schimmels en algen in korstmossen leven op plaatsen waar andere organismen het nog niet kunnen rooien.

Deze processen zijn alle drie traag, en samen zijn ze nog steeds traag. Verwering is het ontstaan van het minerale deel van de bodem. De deeltjes blijven dan ongeveer op dezelfde plek. Het is dus niet hetzelfde als erosie, want daarbij verdwijnen de bodemdeeltjes naar ergens anders.

Vorige artikel
Volgende artikel
7+